Naar homepage Vlissingen.nl

De gevangentoren door de jaren heen

Tussen alle nieuwbouw op de boulevard, staat nog één toren uit de middeleeuwen. Deze toren is bij iedereen bekend als de ‘gevangentoren’. Het is in Vlissingen één van de weinige nog aanwezige restanten van een stadsmuur. De gevangentoren is gebouwd aan het einde van de vijftiende eeuw en heeft in haar lange geschiedenis al heel wat meegemaakt. Het is eigenlijk een wonder te noemen dat de toren er nog staat!
 

De gevangentoren

Stadsmuur
In 1485 vielen soldaten uit de stad Sluis plunderend Vlissingen binnen. Toen bleek dat Vlissingen zich nauwelijks kon verdedigen. Dat moest natuurlijk beter! Naar aanleiding van deze plunderingen werd besloten om een stadsmuur in Vlissingen te bouwen. In deze stadsmuur bouwde men een aantal stadspoorten, waarvan de Westerpoort de belangrijkste van de stad werd. Deze poort bestond uit twee torens met daartussen een doorgang. Een stadspoort is eigenlijk een doorgang van een stad, waar vroeger de toegang werd geregeld.

Gevangenis
Later in de zestiende eeuw werd er een nieuwe stadspoort gebouwd, waardoor de Westerpoort niet langer de stadspoort van Vlissingen was. Een deel van de poort werd toen een gevangenis. In een extra gebouwde bovenverdieping, werden gevangenen op water en brood gezet, om hun straf uit te zitten. Ook werd de ruimte gebruikt om iemand een bekentenis af te dwingen. In de kelder was een ruimte, die omschreven werd als ‘de donkere put’. Hier werden hardnekkige misdadigers in opgeborgen. De begane grond was onderverdeeld in hokken, waarin de gevangenen werden opgesloten. Een ander torentje van de stadspoort werd gebruikt om buskruit in op te slaan.

De Westerpoort deels afgebroken
De gevangentoren was eind acttiende eeuw in slechte staat. De gevangenen zaten opgesloten in zeer slechte omstandigheden. Ze waren bijvoorbeeld in de winter nauwelijks beschut tegen de kou. In het begin van de negentiende eeuw werd Nederland en ook Vlissingen onder Frans bewind gebracht. In 1803 gaf Napoleon de opdracht om de Westerpoort te versterken. Dit was net op tijd, want in 1809 vielen de Engelsen Vlissingen aan. Het dak van de gevangentoren werd in brand gestoken, maar het vuur werd wel gedoofd. De Westerpoort, met de gevangentoren, het gevangenhuis en de kruittoren werden in 1811 grondig aangepakt. De poort werd deels afgebroken, alleen de gevangentoren bleef overeind. De toren werd ‘bomvrij’ gemaakt. Dat deed men door op het platte dak een dikke laag zand aan te brengen, waarin een eventuele bom weinig schade zou kunnen aanrichten.

Afbreken? Of toch maar niet?
Op de route van de stad naar het strand stond de gevangentoren in de negentiende eeuw onhandig in de weg. Twee keer is dan ook het plan geweest om de gevangentoren af te breken, maar zover is het nooit gekomen. Als oplossing kwam er aan de zeezijde een houten loopbrug, daardoor moest de toren wel verbouwd worden. De gevangentoren kreeg een echte zestiende-eeuwse stijl en werd tot 1914 als een soort museum gebruikt. Later werd de toren een station voor de radiotelegrafie. Met zendantennes en seinmasten konden berichten verzonden en ontvangen worden. De toren werd een soort communicatiecentrum dus.

De Tweede Wereldoorlog
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er naast de gevangentoren een bunker gebouwd en een luchtafweergeschut op de toren geplaatst. Daarmee kon op aanvallende vliegtuigen geschoten worden. Met de bevrijding van Vlissingen in 1944 kreeg de toren een voltreffer. De toren was alleen nog te behouden door een soort omhulsel om de toren heen te bouwen, dat moest voorkomen dat hij niet uiteen zou vallen.

Tegenwoordig is de gevangentoren een restaurant. Buiten is een terras waar je in de zomer kunt genieten van een drankje en de zee en de boulevard. Een goed moment om weg te dromen naar de lange geschiedenis van de beroemde Vlissingse gevangentoren.