Commissies

De Commissies horen formeel niet tot de bestuursorganen. Omdat de adviescommissies een belangrijke rol spelen in de besluitvormingsprocedure wordt deze procedure op deze plaats wel toegelicht.

Het raadswerk bestaat lang niet alleen uit het bijwonen van de raadsvergaderingen. Een belangrijk deel van het voorbereidende werk wordt in raadscommissies gedaan. Raadscommissies, hun taken en bevoegdheden, worden ingesteld door de gemeenteraad. Om in een vroegtijdig stadium invloed uit te oefenen richten burgers en belangengroepen zich vaak op de raadscommissies.

In de raadsvergadering van 30 november 2006 besloot de gemeenteraad om vier commissievergaderingen te laten plaatsvinden in de eerste twee weken van elke maand. In de derde week zijn er geen commissievergaderingen en de raadsvergadering is op de laatste donderdag van de maand.
Op de agenda van de commissievergaderingen staan de onderwerpen uit de portefeuilles van de wethouders. Onderwerpen uit de portefeuille van de burgemeester worden behandeld op de eerste commissievergadering van de tweede week van de maand.

De benaming van de commissies is als volgt:

  • Commissie Welzijn en onderwijs
  • Commissie Ontwikkeling en havens
  • Commissie Economie en beheer
  • Commissie Financiën en algemene zaken.

 

De commissievergadering
De vergadering wordt geopend met actuele zaken. Raadsleden en commissie-niet-raadsleden kunnen vragen stellen aan het college over actuele zaken die in de gemeente spelen. Zij kunnen hun vragen ook vooraf schriftelijk aan het college sturen. Het college geeft een antwoord op de vragen.
Na actuele zaken komen de raadsvoorstellen aan de orde. De commissie luistert naar insprekers en stelt zo nodig vragen ter verduidelijking. Daarna vragen de leden om informatie over het voorstel aan de wethouder. Tot slot wordt er van gedachten gewisseld over het voorstel. Hierna concludeert de commissie of het voorstel wel of niet klaar is voor behandeling in de gemeenteraad.

De mogelijkheid van inspreken
Iedere inwoner van de gemeente Vlissingen kan in de vergadering van de commissie zaken naar voren brengen waarvoor hij/zij aandacht wil. Aan het begin nodigt de voorzitter het publiek uit gebruik te maken van dit spreekrecht. Het publiek heeft dan de gelegenheid om te spreken over zaken die op de agenda staan, maar ook over zaken die niet op de agenda staan.
Bij de behandeling van de raadsvoorstellen in de commissie kan het publiek ook meepraten. De voorzitter vraagt voordat de commissieleden gaan praten over het raadsvoorstel of mensen uit het publiek willen inspreken over het raadsvoorstel. Hij geeft ook de gelegenheid aan commissieleden om nog vragen te stellen aan degene die gebruik hebben gemaakt van het spreekrecht. Ook later in het gesprek kan de inspreker nog gevraagd worden om informatie of kan hij op aangeven van de voorzitter een reactie geven.
Insprekers maar ook mensen die geen gebruik hebben gemaakt van het spreekrecht kunnen tijdens of na de vergadering nog praten met de aanwezige gemeenteraadsleden en commissie-niet-raadsleden.

Het verslag
Met het maken van het verslag wordt de dag na de vergadering begonnen. Direct nadat het klaar is wordt het per e-mail verstrekt aan raadsleden, commissie-niet-raadsleden en college. In het verslag wordt opgenomen of raadsvoorstellen naar de raadsvergaderingen gaan en eventueel welke aanpassingen gewenst zijn. Vijf werkdagen na het verschijnen van het conceptverslag wordt het definitieve verslag met de gemaakte opmerkingen op internet geplaatst.