In de eerste week van juni werd bij graafwerkzaamheden een nog intact zijnde waterput gevonden. De plaats van de vondst is de hoek van de Lange Zelke en de Spuistraat. De bovenkant van de put is niet ongeschonden uit de strijd gekomen, maar de onderkant is nog redelijk gaaf. De put stond op de plaats waar vroeger ook de vismarkt te vinden was. De vismarkt bestond uit een gaanderij in hoefijzervorm, die rustte op arduinen zuilen. Schepen voerden de vis via de Koopmanshaven (nu Bellamypark) en de Achterhaven (nu Spuistraat) aan. Eind 17e eeuw werd de vismarkt verplaatst naar een voor schepen beter bereikbare plaats: achter het huidige Rondeel.
De fors uitgevallen waterput, een zogenaamde welput, zal voornamelijk hebben gediend om de vis schoon te maken voor de markt en om andere zaken schoon te houden en te spoelen. Waarschijnlijk werd deze put niet gebruikt om water van te drinken. De mensen hadden meestal zelf een welput achter de woning.
De bronnen laten weinig los over deze waterput. Alleen op een gravure uit de Kroniek van Smallegange (1696) is deze met enige moeite te zien. De plattegrond van Vlissingen uit de atlas van Blaeu (1640) toont de waterput niet. Vermoedelijk is deze dan ook na 1640 gemaakt. Tot ver in de negentiende eeuw deed de put dienst: Winkelman schrijft in zijn Plaatsbeschrijving van Vlissingen uit 1873 over een ‘zeer grote waterput die nog aanwezig is.’
Welputten en beerputten zijn dankbare (letterlijke) bronnen waaruit archeologen veel informatie over de stadsgeschiedenis kunnen putten. Jammer genoeg was een onderzoek niet mogelijk. De put is wel veiliggesteld voor onderzoek in de toekomst.
Studiezaal
Ma. t/m do.: 9.00-16.30 uur
Telefonisch 0118-487331
Ma. t/m vr.: 9.00-16.30 uur